• Home
  • omgevingswet - BugelHajema

omgevingswet - BugelHajema

De nieuwe ladder voor duurzame verstedelijking

ladderduurzameverstedelijkingSinds 23 juni jl. ligt een voorstel tot aanpassing van de Ladder voor duurzame verstedelijking bij de Tweede Kamer. Wat houdt de wijziging, zoals minister Schultz van Haegen van Infrastructuur en Milieu deze heeft ingediend, werkelijk in? De NEPROM (Verenging van Nederlandse Projectontwikkeling Maatschappijen) en andere belanghebbenden hamerden al langer op een aanpassing van de Ladder, die in hun ogen leidt tot hoge onderzoekslasten, onduidelijke definities en te veel bezwaren van belanghebbenden. Die grijpen het instrument vaak aan om vanuit concurrentieoverwegingen bezwaar te maken tegen ontwikkelingen.

Met het voorstel tot aanpassing lijkt de minister te hebben geluisterd naar de praktijk. De eerste reactie van NEPROM is positief, zij is van mening dat met de aanpassing zorgvuldig ruimtegebruik en bescherming van het buitengebied meer centraal komen te staan en dat het uitgebreide motiveringsvereiste voor binnenstedelijke ontwikkelingen komt te vervallen. Maar is dat wel zo?

Een jurist is een meerwaarde in een open dialoog

rosalie

door: Rosalie van Ruler

Het werken als jurist Omgevingsrecht bij BügelHajema Adviseurs is een prachtige baan. Je werkt voor gemeenten, provincies, het rijk, projectontwikkelaars, ondernemers, buurtverenigingen en particulieren. Vanuit deze grote range aan opdrachtgevers voel je alle belangen die spelen in de leefomgeving. Om een voorbeeld te geven; een woningbouwcorporatie heeft de ambitie om een mooi appartementencomplex te realiseren op een inbreidingslocatie in een dorp. Volgens hun stedenbouwkundige analyse past het perfect binnen het karakter van het dorp. Buurtbewoners vinden het lelijk en vrezen voor hun uitzicht en lichtinval. De gemeente moet een afweging maken, belangen afwegen en de juiste balans vinden.

In mijn rol als juridisch adviseur sta ik meestal aan één kant, de kant van de gemeente of de kant van de burger of ondernemer. Als jurist word je vaak ingeschakeld als men het niet helemaal meer vertrouwt, men is op zoek naar rugdekking. In veel gevallen is dan al begonnen met de formele procedure.
In het omgevingsrecht is de meeste winst echter te behalen in het voortraject, als de formele procedure nog niet is gestart. Als een juridisch conflict over een ruimtelijk plan bij de rechter terecht komt, wordt het vraagstuk marginaal getoetst. De rechter bekijkt of de gemeente op de juiste wijze tot een goed besluit is gekomen. Is er voldoende onderzoek verricht en heeft de gemeente haar besluit voldoende gemotiveerd? De vaak complexe voorgeschiedenis en genuanceerde belangen kunnen niet allemaal stuk voor stuk aan bod komen.
Dit betekent dat je als ondernemer of burger je belangen het beste in het voortraject kunt inbrengen. In deze fase kan samen met de initiatiefnemer, de gemeente en omwonenden een dialoog worden opgestart om de belangen te inventariseren. Samen kunnen we onderzoeken waar de pijnpunten zitten of waar overeenstemming bereikt wordt.
Een jurist kan in deze fase meerwaarde hebben. Een jurist weet aan welke wettelijke normen moet worden voldaan en waar dus geen water bij de wijn kan worden gedaan, bijvoorbeeld het beschermen van Natura2000-gebieden. Maar er zijn ook zachtere normen die op verschillende manieren kunnen worden ingevuld, bijvoorbeeld het garanderen van een goed woon- en leefklimaat. Een dergelijke norm kan in verschillende initiatieven op een andere wijze worden ingevuld. In een open dialoog kan onderzocht worden wat voor alle betrokkenen belangrijk is. Dit kan door de jurist vastgelegd worden in een ruimtelijk plan of overeenkomst. Deze open dialoog kan nooit (meer) bereikt worden in de fase waarin de formele procedure is opgestart, er gewerkt wordt met inspraak en zienswijzen en een gang naar de rechter al wordt overwogen.

In het omgevingsrecht is het afwegen van belangen het allerbelangrijkste. Als jurist kan ik deze afweging begeleiden. Ik kan aangeven waar de randvoorwaarden liggen en waar we kunnen zoeken naar een compromis. En het is veel mooier om dat te doen in het voortraject waar overeenstemming nog tot de mogelijkheden behoort, dan in de rechtbank waar het conflict al leidend is. Juist in het faciliteren van een open dialoog en het bereiken van overeenstemming, is Jurist omgevingsrecht een prachtvak!

Gebundelde krachten Berenschot en BügelHajema 

berenschot

Met het opstellen van de ‘Impactanalyse Omgevingswet’ voor de gemeente Groningen gaan Bureau Berenschot en BügelHajema Adviseurs de krachten bundelen. Op basis van de impactanalyse wil Groningen grip krijgen op de effecten die de transformatie in het ruimtelijk domein op haar organisatie zal hebben. Centraal staan de meting van de nulsituatie en het markeren van het ambitieniveau, met onderscheid tussen de zachte en de harde kant van de leefomgeving. Onder ‘zacht’ valt de bestuurscultuur, onder ‘hard’ de integratie van gebiedsgerichte wetgeving en beleidsthema’s in combinatie met ICT en digitalisering. Met de Impactanalyse beschikt de gemeente Groningen straks over een organisatiebrede ‘scan’ die haar inzicht geeft in de match tussen ‘moeten’, ‘willen’ en ‘kunnen’ op weg naar de inwerkingtreding van de Omgevingswet.

Ontsnappen uit de Escaperoom.. Klaar voor de Omgevingswet!

escaperoom2

De inwerkingtreding van de Omgevingswet lijkt nog ver weg. Maar veel overheden en organisaties beseffen hoe belangrijk het is om tijdig voor te sorteren op wat de minister de grootste stelselwijziging noemt sinds de invoering van de Grondwet in 1848. Misschien dicht de minister met deze uitspraak een iets te grote historische betekenis toe aan haar ambtsperiode, maar dat de impact groot is en diep doordringt in alle vezels van elke organisatie is een feit. Het wezen van de wet vraagt om een verschuiving in de beleidsvorming en uitvoering, van sectoraal naar integraal, van controle naar vertrouwen, van inspraak naar participatie en co-creatie, en stelt het initiatief centraal boven het beleid. De leefomgeving wordt niet langer gevangen in plannen met een beperkte houdbaarheid. Plannen worden mogelijk in een dynamische beleidscyclus. Deze aanpak heeft verregaande gevolgen voor de wijze van werken van de ambtelijke organisatie en het openbaar bestuur.

Studiemiddag ‘Integratie van regelgeving in het omgevingsplan’ druk bezocht

opdezelfdeleestIntegratie van gemeentelijke verordeningen in het omgevingsplan, dat was de inzet van de druk bezochte bijeenkomst van Platform 31 (op 31 mei jl). Dit in het kader van de leergang “Op Dezelfde Leest”. Onze collega’s Albert Jan Meeuwissen en Rosalie van Ruler presenteerden daarbij de resultaten van eerder uitgevoerd onderzoek. Hierin zijn de juridische mogelijkheden om verordeningen en andere gemeentelijke regels te integreren met de regels van het bestemmingsplan nader bekeken.
Ten behoeve van deze studiemiddag hebben Albert Jan en Rosalie het supplement ‘Inleiding in integratie van gemeentelijke regelgeving’ geschreven. Dit supplement maakt onderdeel uit van de reeks ‘Van bestemmingsplan naar omgevingsplan’ van Op Dezelfde Leest en kan worden gezien als een belangrijke aanzet voor een handleiding voor het opstellen van het omgevingsplan .

Wat als de ‘mits’ in het bestemmingsplan mist?

lpg2

Jurisprudentie

Moeten de condities die nodig zijn om een bestemmingsplan uitvoerbaar te maken, worden opgenomen in de regels? Als het aan de Raad van State ligt, is dit wel het geval.

Een recente uitspraak bevestigd deze ontwikkeling, die al een aantal jaren gaande is. Op 8 juni 2016 heeft de Raad van State uitspraak (201507529/1/R4) gedaan met betrekking tot een tankstation nabij een afrit van de A7. Appellanten exploiteren een restaurant tegenover het tankstation en vrezen onaanvaardbare veiligheidsrisico’s als gevolg van de vestiging van een verkooppunt van lpg in hun nabijheid. In paragraaf 4.2 van de plantoelichting van het onderhavige bestemmingsplan staat dat het plaatsgebonden risico geen belemmering vormt voor het plan nu de risicocontour binnen het plangebied valt en daarbinnen geen kwetsbare of beperkt kwetsbare objecten aanwezig zijn of mogelijk kunnen worden gemaakt. Deze conclusie is gebaseerd op een maximale doorzet van 999 m3 lpg per jaar.