|
Rijksinpassingsplan en rijkscoördinatieregeling |
|
De Wet ruimtelijke ordening maakt het mogelijk dat, indien sprake is van nationale belangen, de minister van VROM een eigen bestemmingsplan (inpassingsplan genoemd) kan vaststellen. De gemeenteraad is dan niet bevoegd, maar moet wel worden gehoord. Ook Provinciale Staten dienen te worden gehoord.
Een inpassingsplan betekent dat het Rijk de volledige regie heeft over zowel beleid, normstelling, als uitvoering. Een inpassingsplan is denkbaar als er na een proactieve aanwijzing niet snel genoeg een bestemmingsplan wordt opgesteld door de gemeenteraad. Een inpassingsplan wordt geacht deel uit te maken van het bestemmingsplan of de bestemmingsplannen waarop het betrekking heeft. De vaststelling door de minister sluit de bevoegdheid van de gemeenteraad uit om voor het betrokken gebied een bestemmingsplan vast te stellen. De minister bepaalt tot welk tijdstip die uitsluiting voortduurt. Ook de bevoegdheid van Provinciale Staten om een inpassingsplan vast te stellen, vervalt indien de minister een inpassingsplan opstelt. Zowel wat betreft de procedure als de inhoud, gelden de regels omtrent gemeentelijke bestemmingsplannen onverkort. In de bestemmingsplanprocedure treedt de minister in de plaats van zowel de gemeenteraad als het college van burgemeester en wethouders. Met behulp van de rijkscoördinatieregeling (Wet ruimtelijke ordening, § 3.6.3) kan het Rijk bij projecten van nationaal belang de vergunningen en andere besluiten coördineren. In de rijkscoördinatieregeling worden de verschillende besluiten (vergunningen en ontheffingen) die voor een project nodig zijn, tegelijkertijd en in onderling overleg genomen. Het gaat naast vergunningen en ontheffingen vaak ook om een inpassingsplan. Als de rijkscoördinatieregeling van toepassing is, kan het inpassingsplan mede door de als projectminister aangewezen minister worden opgesteld. Samen met de minister van VROM treedt de projectminister in de plaats van de gemeenteraad. De projectminister kan de procedure volledig voor zijn rekening nemen als dat in het coördinatiebesluit expliciet is aangegeven. Hij kan echter geen vergunningen of ontheffingen verlenen. BügelHajema Adviseurs heeft recent voor enkele energieprojecten, die onder de rijkscoördinatieregeling vallen, een inpassingsplan opgesteld. Het betreft de volgende projecten:
- realisatie ondergrondse gasopslag Bergermeer, bouw gasbehandelings- en compressie-installatie en aanleg gasleidingen in de gemeenten Alkmaar, Bergen, Heiloo en Schermer, initiatiefnemer Bergermeer Partnergroep;
- realisatie stikstofinstallatie in Zuidbroek,stikstofopslag in Heiligerlee en aanleg pijpleiding tussen beide locaties, initiatiefnemer NV Nederlandse Gasunie;
- aanleg gasleiding tussen Bornerbroek en Epe (D), initiatiefnemer NV Nederlandse Gasunie.
Bij energieprojecten treedt de minister van Economische Zaken op als projectminister.
Download hier het bijbehorende projectblad
terug < |